Het juiste lidwoord bij hotel is het: u schrijft en zegt dus het hotel, niet de hotel. Dat blijkt uit het Van Dale‑woordenboek, dat hotel noteert als onzijdig (het; o). In dit artikel leest u waarom, welke grammaticale regels erachter zitten en hoe u in het algemeen kunt bepalen of een woord een de‑ of het‑woord is.

Laatst gecontroleerd: 2026-08-17

Correct lidwoord: het · Bron: Van Dale (via welklidwoord.nl) · Foutief lidwoord: de · Geslacht: onzijdig

Hoe we dit onderzocht hebben

Laatst gecontroleerd: 2026-08-17.

Geraadpleegde bronnen: elektronische woordenboeken (Van Dale), taaladvieswebsites (Ensie, Onze Taal), universitaire publicaties en grammaticasites.

We hebben geen eigen grammaticale analyse uitgevoerd en geen veldonderzoek gedaan. De informatie is gebaseerd op bestaande, gezaghebbende naslagwerken.

Snelle feiten over het lidwoord van hotel

1 Officiële woordenboekdefinitie
  • Van Dale vermeldt: hotel (het; o; meervoud: hotels; verkleinwoord: hotelletje) (Van Dale)
2 Grammaticaal geslacht
  • Hotel is onzijdig, dus een het‑woord (Ensie)
3 Volledige grammaticale beschrijving
  • Het Nederlands classificeert hotel als een onzijdig, telbaar zelfstandig naamwoord met de vormen het hotel (enkelvoud) en de hotels (meervoud) (Het Nederlands)
Kerngegevens over het lidwoord van hotel
KenmerkWaarde
Correct lidwoord enkelvoudhet
Foutief lidwoordde
Grammaticaal geslachtonzijdig
Bepaalde vorm enkelvoudhet hotel
Bepaalde vorm meervoudde hotels
Bron correct lidwoordVan Dale
Aantal gezaghebbende bronnen dat het bevestigt3 (Van Dale, Ensie, Het Nederlands)

Welk lidwoord: de of het hotel?

Het antwoord is eenduidig: het hotel. Het Van Dale‑woordenboek geeft de officiële lemma‑aanduiding: hotel (het; o; meervoud: hotels; verkleinwoord: hotelletje). De o staat voor onzijdig, wat betekent dat het woord het lidwoord het krijgt. Websites zoals DeOfHet.expert en Volkabulaire bevestigen dit: de hotel is fout in het Standaardnederlands.

Het juiste lidwoord is: Het hotel.

— Redactie DeOfHet.expert

Waarom is het het hotel? Het Nederlands heeft twee bepaalde lidwoorden: de voor mannelijke en vrouwelijke woorden, en het voor onzijdige woorden. Omdat hotel onzijdig is, valt het onder de het‑woorden. Dat is een grammaticale regel die in alle standaardtaalbronnen wordt gehanteerd.

Tip: Onthoud dat het‑woorden vaak eindigen op bepaalde suffixen (bijv. -isme, -ment, -sel), maar hotel is een leenwoord dat geen vast patroon volgt. Bij twijfel raadpleeg je altijd een woordenboek.

Hoe weet je wanneer je de of het moet gebruiken? Stappenplan

Het bepalen van het juiste lidwoord is voor veel Nederlanders een uitdaging, vooral bij leenwoorden. Ensie legt uit dat het Nederlands twee lidwoorden kent: de (voor mannelijk en vrouwelijk) en het (voor onzijdig). Volg dit stappenplan om het lidwoord van een zelfstandig naamwoord te vinden:

  1. Zoek het woord op in een woordenboek. Het Van Dale‑woordenboek geeft altijd het lidwoord aan. Bij hotel staat ‘het’.
  2. Check of het woord een verkleinwoord heeft. Verkleinwoorden zijn altijd het‑woorden. Hotelletje is een verkleinwoord, dus het hotelletje. Dat wijst erop dat ook het grondwoord hotel een het‑woord is.
  3. Kijk naar het meervoud. Meervouden krijgen altijd de. De hotels is correct, ongeacht het lidwoord in het enkelvoud.
  4. Gebruik ezelsbruggetjes. Woorden die eindigen op -heid, -ing, -ij, -teit, -nis, -st, -schap zijn vaak de‑woorden. Hotel eindigt niet op een van die suffixen, dus voorzichtigheid is geboden.
  5. Bij twijfel: raadpleeg een betrouwbare bron. Websites zoals WelkLidwoord.nl en de-of-het.nl geven direct antwoord.

Het patroon is helder: hotel is een onzijdig woord, dus het hotel.

Algemene regels voor lidwoorden

Het Nederlands kent naast de bepaalde lidwoorden de en het ook het onbepaalde lidwoord een. Het onbepaalde lidwoord is geslachtsneutraal: een hotel is correct. De regels voor bijvoeglijke naamwoorden verschillen per lidwoord. Bij een het‑woord zonder bepaald lidwoord krijgt het bijvoeglijk naamwoord geen buigings‑e: een mooi hotel, mooi hotel. Staat er wel een bepaald lidwoord voor, dan komt de buigings‑e: het mooie hotel. Websites als WelkLidwoord.nl tonen dat patroon consequent.

Hotel (het; o; meervoud: hotels; verkleinwoord: hotelletje).

— Van Dale woordenboek

Is hotel een Nederlands woord?

Ja, hotel is een volwaardig Nederlands woord, al is het een leenwoord uit het Frans. Het Franse hôtel (met een circumflex) is afgeleid van het Latijnse hospitale, dat ‘gastverblijf’ betekent. In het Nederlands is het woord al sinds de 17e eeuw ingeburgerd, zoals blijkt uit historische teksten in de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren (DBNL). Het is inmiddels een volledig natuurlijk onderdeel van de Nederlandse woordenschat.

Vergelijk met andere talen: in het Frans is hôtel mannelijk (l’hôtel), in het Spaans ook mannelijk (el hotel). Het Nederlands kent daarentegen drie geslachten (mannelijk, vrouwelijk, onzijdig) en hotel is onzijdig geworden. Dat is een voorbeeld van hoe leenwoorden een eigen grammaticaal geslacht kunnen krijgen in de ontvangende taal (zie Webwoordenboek).

Wat is de definitie van een hotel?

Volgens het Van Dale‑woordenboek is een hotel een ‘gebouw waar men tegen betaling logies (en vaak ook maaltijden) kan krijgen’. Het onderscheidt zich van andere accommodaties zoals een pension (kleiner, vaak eenvoudiger) of een motel (voor automobilisten, met parkeergelegenheid). In de praktijk kunnen de grenzen vervagen; in de regel wordt hotel gebruikt voor grotere, professionele logiesverstrekkers.

Het meervoud hotels krijgt het lidwoord de (de hotels). Ook het verkleinwoord hotelletje is een het‑woord (het hotelletje). DutchEnglish bevestigt deze vormen.

De bottom line: het hotel is correct, de hotel fout. Gebruik bij twijfel altijd een woordenboek.

Gerelateerde lectuur: Tis Hier Geen Hotel 2: recensie, speellijst en tickets ? Wie schreef over toerisme in Grand Hotel Europa

Veelgestelde vragen over het lidwoord van hotel

Wat is het juiste lidwoord voor hotel?

Het juiste lidwoord is het, dus het hotel. Dit wordt bevestigd door Van Dale en meerdere taaladvieswebsites.

Is het de of het restaurant?

Restaurant is een onzijdig woord, dus het restaurant. Ook dit is een leenwoord uit het Frans dat in het Nederlands onzijdig is geworden.

Wat is het meervoud van hotel?

Het meervoud is hotels, met lidwoord de: de hotels. Meervouden krijgen in het Nederlands altijd de, ongeacht het lidwoord in het enkelvoud.

Hoe gebruik je het in een zin?

Voorbeelden: Het hotel is geopend. / Wij logeren in een mooi hotel. / De hotels in deze stad zijn duur.

Wat zegt de Van Dale?

Van Dale vermeldt: hotel (het; o; meervoud: hotels; verkleinwoord: hotelletje). De o staat voor onzijdig, dus het lidwoord is het.

Is het le hotel of l’hotel in het Frans?

In het Frans is het l’hôtel (met een apostrof), omdat het een mannelijk woord is dat met een stille h begint. Het Nederlandse lidwoord is daarentegen het.

Geraadpleegde bronnen